Inloggen

Tentamen jaar 1

Tentamen jaar 1
80 vragen • 9 m geleden
  • Anoniem
  • rapporteren

    Vragenlijst

  • 1

    Bij vertharding kan/kunnen .... ontstaan

    Transvetzuren

  • 2

    Wat wordt bedoeld met de term 'migratie'?

    Uit contactmaterialen (voor levensmiddelen) kunnen stoffen vrijkomen die terechtkomen in voedsel

  • 3

    Welke schadelijke stof/stoffen kan/kunnen vrijkomen uit pvc-verpakkingen?

    Vinylchloride

  • 4

    Bij welke organisatie kun je het beste veiligheidswaarschuwingen vinden voor Nederlandse voedingsmiddelen waar een gevaar is opgetreden??

    NVWA

  • 5

    Is voedsel zonder risico's mogelijk?

    Nee, we kunnen de risico's enkel tot een aanvaardbaar niveau terugbrengen

  • 6

    Wat is de juiste samenstelling van HDL (van grootste naar kleinste bestandsdeel)?

    Eiwit, cholesterol, fosfolipiden en triglyceridenEiwit, cholesterol, fosfolipiden en triglyceriden

  • 7

    Welk van de onderstaande stellingen is juist?

    LPL (lipoproteïnelipase) maakt triglyceriden uit VLDL vrij

  • 8

    Lipiden die door de lever geproduceerd worden noemen we endogene vetten.

    waar

  • 9

    Welke lipoproteïnen bevatten het hoogste percentage cholesterol?

    LDL

  • 10

    Welk van onderstaande lipoproteïnen worden NIET door de lever gemaakt?

    IDL en chylomicronen

  • 11

    Welk van onderstaande lipoproteïnen zijn het grootst qua omvang en hebben de laagste dichtheid?

    Chylomicronen

  • 12

    Wat is de functie van LDL?

    Brengt met name cholesterol naar de weefsels

  • 13

    Wat kun je zeggen over het ontstaan van atherosclerotische plaque?

    Alle antwoordopties zijn juist

  • 14

    Exogene vetten worden verpakt in chylomicronen voor transport.

    waar

  • 15

    Op welke plek in de cel vindt oxidatieve fosforylering plaats?

    Op het binnenste membraan van de mitochondriën

  • 16

    Wat is de juiste volgorde van processen in de vetzuurverbranding?

    lipolyse - bètaoxidatie - citroenzuurcyclus

  • 17

    Hoeveel moleculen NADH worden tijdens de omzetting van pyruvaat naar acetyl CoA gevormd bij de afbraak van 1 molecuul glucose?

    2

  • 18

    Pyruvaat wordt in het cytosol gevormd.

    waar

  • 19

    In welk orgaan wordt de aminogroep van aminozuren verwijderd?

    lever

  • 20

    De afbraak van pyruvaat tot CO2 en H2O vindt plaats in de mitochondriën.

    waar

  • 21

    Wat gebeurt er tijdens de glycolyse?

    Glucose wordt gesplitst tot 2 moleculen pyruvaat

  • 22

    Voor elk pyruvaatmolecuul dat tijdens de glycolyse gevormd wordt, is de netto winst 1 ATP.

    waar

  • 23

    Hoeveel koolstofatomen worden er van citraat afgekoppeld tijdens de citroenzuurcyclus?

    2

  • 24

    De meeste energie voor de aanmaak van ATP wordt geleverd door..... .

    Het aerobe systeem

  • 25

    Wat is de rol van zuurstof in de oxidatieve fosforylering?

    Zuurstof is de uiteindelijke elektronenacceptor

  • 26

    Bij anaerobe splitsing van pyruvaat wordt lactaat gevormd.

    waar

  • 27

    Welke stof behoort NIET tot de ketonlichamen?

    Acetyl-CoA

  • 28

    Welk van onderstaande stoffen kan NIET in glucose worden omgezet?

    Vetzuur

  • 29

    Welk van de onderstaande processen is een voorbeeld van een anabole reactie?

    Gluconeogenese

  • 30

    Waarom vormt de lever ketonlichamen bij een vetrijk (80%) dieet?

    Hersenen gebruiken ketonlichamen als energiebron

  • 31

    Wat is GEEN effect van insuline?

    Gluconeogenese

  • 32

    Welke soort vezels zijn er?

    Niet-fermenteerbare en oplosbare

  • 33

    Vetzuren bestaan uit de volgende atomen:

    C, H, O en N

  • 34

    (Meervoudig) onverzadigd vet is vloeibaar door:

    Meer H-atomen in de keten

  • 35

    Welke processen maken de vetzuurketen langer en zorgen voor een extra dubbele binding?

    Pascalisatie en desaturatie

  • 36

    Wat is lecithine?

    eiwit

  • 37

    Ontslijmen, ontzuren en bleken heeft te maken met het raffineren van ....:

    Margarine

  • 38

    Welke vitamine wordt vaak toegevoegd aan vleesalternatieven?

    B12

  • 39

    Twee eiwitten vormen het bindweefsel van een spier in bijvoorbeeld een koe. Welke?

    Collageen en elastine

  • 40

    Om bindweefsel makkelijker af te breken kun je gebruik maken van bijvoorbeeld tomatenpuree. Wat veroorzaakt deze afbraak?

    zuren

  • 41

    Verhitting pas je niet alleen toe vanuit voedselveiligheidsprincipes, maar ook voor ....

    al deze opties

  • 42

    Wat versta je onder een zuiver stof?

    Eén soort moleculen

  • 43

    Moleculen trekken elkaar aan. Dit heet de VanderWaalskracht. Wat is géén synoniem voor VanderWaalskracht?

    Atoombinding

  • 44

    Hoe heet de fase-overgang:  H2O(s) → H2O(g) ?

    Sublimeren

  • 45

    In het molecuul wordt in de literatuur intramoleculair genoemd en tussen de moleculen intermoleculair. Hoe heet de intramoleculaire binding van het zuurstofmolecuul?

    Atoombinding

  • 46

    Wat is de molecuulformule van stikstof?

    N2

  • 47

    Wat is de structuurformule van een zuurstofmolecuul?

    O = O

  • 48

    Wrattenverwijdering gebeurt met vloeibare stikstof volgens: N2( l ) → N2 (g) Welke chemische binding wordt zwakker?

    De molecuulbinding

  • 49

    Fosfor (symbool; P) bestaat uit vieratomige moleculen. Wat is de molecuulformule van dit vieratomige molecuul?

    P4

  • 50

    Hoe is het aantal protonen en neutronen in de atoomkern gedefinieerd?

    Massagetal

  • 51

    Borium ( symbool B) heeft atoomnummer 5 en massagetal 11 . Hoeveel neutronen heeft een Borium atoomkern?

    6 neutronen

  • 52

    Gegeven de volgende atoomkern van het element Fluor ( afkorting F)19/9F Hoe kun je deze atoomkern ook weergeven?

    F - 19

  • 53

    Stikstof (symbool N) heeft atoomnummer 7. Een bepaalde stikstof-atoomkern heeft  8 neutronen. Wat is de verkorte notatie?

    Goed, 7 protonen is het atoomnummer onder en 7 protonen + 8 neutronen: massagetal is 15 boven

  • 54

    Het atoomnummer van Aluminium (symbool Al) is 13. Een aluminum-atoomkern bezit 14 neutronen. Hoeveel elektronen heeft een aluminiumatoom?

    13

  • 55

    Magnesium (symbool Mg) heeft atoomnummer 12. Magnesium kan Mg2+ionen vormen. Hoeveel protonen en hoeveel elektronen heeft zo'n Mg2+ ion?

    12 protonen 10 elektronen

  • 56

    In de airbags van auto's zit de stof natriumazide. Het azide-ion heeft de volgende formule: N3- Gegeven is dat stikstof atoomnummer 7 heeft.Hoeveel elektronen heeft een azide-ion in totaal?

    22

  • 57

    Als je schildklier te hard werkt dan krijg je een tablet jodium-131. Jodium heeft atoomnummer 53. Hoeveel neutronen heeft zo'n jodiumatoomkern?

    78

  • 58

    Wat is de systematische naam van glycerol?

    propaan - 1, 2, 3- triol

  • 59

    Een alkaan heeft 15 koolstofatomen per molecuul. Hoeveel waterstofatomen heeft dit molecuul?

    32

  • 60

    Welke zuren zijn zwakke zuren?

    Melkzuur, citroenzuur en azijnzuur

  • 61

    Wat is de systematische naam voor aceton?

    propanon

  • 62

    Bij welke van onderstaande stoffen is cis-trans isomerie mogelijk?

    hex - 3 - een

  • 63

    Wat is de grondstof voor de margarineproductie?

    Zonnebloempitten, koolzaad en lijnzaad

  • 64

    Nadat de olie gewonnen uit de plantenzaden wordt geëxtraheerd met hexaan vindt gefractioneerde destillatie plaats. De vloeibare fase (oleïnefase) wordt geleid in een grote ketel waarbij hydrogenering plaatsvindt. Wat is hydrogenering?

    Een reactie met waterstofgas. Daarbij worden dubbele bindingen in de koolstofketen omgezet in enkelvoudige bindingen.

  • 65

    Welke stof heeft het laagste kookpunt ?

    Butaan

  • 66

    Welke van onderstaande zuren zijn zwakke  zuren?

    Azijnzuur, melkzuur en citroenzuur

  • 67

    Een spin heeft blauw bloed. Oorzaak: een zuurstofhoudend eiwit bestaande uit meerdere polypeptideketens ( 'de kralenketting') bij elkaar met in het centrum een koperion. Welke structuur wordt hier beschreven?

    De quaternaire structuur

  • 68

    Welke brug veroorzaakt de secundaire structuur van een eiwit?

    De waterstofbrug

  • 69

    Welke eiwitstructuur gaat kapot bij denaturatie naast de quaternaire structuur?

    De secundaire en de tertiaire structuur

  • 70

    In de tertiaire structuur zijn verschillende chemische bindingen te onderscheiden. Wat is de volgorde van deze bindingen in toenemende sterkte?

    VanderWaalsbinding, waterstofbrug, zoutbrug, zwavelbrug

  • 71

    Wat is het verschil tussen een reactievergelijking en een reactiemechanisme?

    Een reactiemechanisme laat zien hoe een omzetting plaatsvindt en een reactievergelijking wat er wordt omgezet.

  • 72

    De bijbehorende reactievergelijking van de chlorering van methaangas is: Cl2(g) + CH4(g) → CH3Cl(g) + HCl(g) Het bijbehorende reactiemechanisme is een radicaalmechanisme. Wat versta je in het algemeen onder een radicaal?

    Een atoom, atoomgroep, molecuul of ion met een ongepaard elektron dat zéér reactief is

  • 73

    Wat is in een radicaalmechanisme het kenmerk van de propagatie (volgreacties)

    Het is altijd een kettingreactie. Er ontstaan steeds nieuwe radicalen die weer verder reageren.

  • 74

    Bij de chlorering van methaan volgens: Cl2(g) + CH4(g)    CH3Cl(g) + HCl(g) is ook ethaan ontstaan. In welke stap is dit gebeurt?

    Terminatie

  • 75

    Welke factor bevordert de vorming van lipideradicalen?

    Alle bovengenoemde factoren

  • 76

    De kettingreactie van de propagatie kan worden vertraagd door toevoeging van een antioxidant. Wat gebeurt er?

    De antioxidant is een radicaalvanger.

  • 77

    In de propagatie reageert een lipideradicaal met zuurstof volgens: R• + O2→ ROO• Je kunt dit voorkomen door zuurstof weg te nemen. Welke stof moet je toevoegen?

    Vitamine C

  • 78

    Welke reactieproducten ontstaan er bij de hydrolyse van een (eenvoudige) lipide?

    Glycerol en vetzuren

  • 79

    Is paracetamol optisch actief, maw bevat parcacemol één of meerdere asymmetrische koolstofatomen?

    Is paracetamol optisch actief, maw bevat parcacemol één of meerdere asymmetrische koolstofatomen?

  • 80

    Welke van onderstaande suikers zijn reduceerbaar?

    Cellobiose, maltose, fructose

  • Tentamen

    Tentamen

    Anoniem · 100 vragen · 1 j geleden

    Tentamen

    Tentamen

    100 vragen • 1 j geleden
    Anoniem

    tentamen

    tentamen

    Anoniem · 86 vragen · 1 j geleden

    tentamen

    tentamen

    86 vragen • 1 j geleden
    Anoniem

    Voeding

    Voeding

    Anoniem · 24 vragen · 9 m geleden

    Voeding

    Voeding

    24 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    Fysiologie

    Fysiologie

    Anoniem · 49 vragen · 9 m geleden

    Fysiologie

    Fysiologie

    49 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    pathogene

    pathogene

    Anoniem · 30 vragen · 9 m geleden

    pathogene

    pathogene

    30 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    Toxicologie

    Toxicologie

    Anoniem · 40 vragen · 9 m geleden

    Toxicologie

    Toxicologie

    40 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    Vitamines en Mineralen

    Vitamines en Mineralen

    Anoniem · 73 vragen · 9 m geleden

    Vitamines en Mineralen

    Vitamines en Mineralen

    73 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    microbiologie

    microbiologie

    Anoniem · 47 vragen · 9 m geleden

    microbiologie

    microbiologie

    47 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    tentamen jaar 1

    tentamen jaar 1

    Anoniem · 100 vragen · 9 m geleden

    tentamen jaar 1

    tentamen jaar 1

    100 vragen • 9 m geleden
    Anoniem

    Oefententamen

    Oefententamen

    Anoniem · 26 vragen · 8 m geleden

    Oefententamen

    Oefententamen

    26 vragen • 8 m geleden
    Anoniem

    Vragenlijst

  • 1

    Bij vertharding kan/kunnen .... ontstaan

    Transvetzuren

  • 2

    Wat wordt bedoeld met de term 'migratie'?

    Uit contactmaterialen (voor levensmiddelen) kunnen stoffen vrijkomen die terechtkomen in voedsel

  • 3

    Welke schadelijke stof/stoffen kan/kunnen vrijkomen uit pvc-verpakkingen?

    Vinylchloride

  • 4

    Bij welke organisatie kun je het beste veiligheidswaarschuwingen vinden voor Nederlandse voedingsmiddelen waar een gevaar is opgetreden??

    NVWA

  • 5

    Is voedsel zonder risico's mogelijk?

    Nee, we kunnen de risico's enkel tot een aanvaardbaar niveau terugbrengen

  • 6

    Wat is de juiste samenstelling van HDL (van grootste naar kleinste bestandsdeel)?

    Eiwit, cholesterol, fosfolipiden en triglyceridenEiwit, cholesterol, fosfolipiden en triglyceriden

  • 7

    Welk van de onderstaande stellingen is juist?

    LPL (lipoproteïnelipase) maakt triglyceriden uit VLDL vrij

  • 8

    Lipiden die door de lever geproduceerd worden noemen we endogene vetten.

    waar

  • 9

    Welke lipoproteïnen bevatten het hoogste percentage cholesterol?

    LDL

  • 10

    Welk van onderstaande lipoproteïnen worden NIET door de lever gemaakt?

    IDL en chylomicronen

  • 11

    Welk van onderstaande lipoproteïnen zijn het grootst qua omvang en hebben de laagste dichtheid?

    Chylomicronen

  • 12

    Wat is de functie van LDL?

    Brengt met name cholesterol naar de weefsels

  • 13

    Wat kun je zeggen over het ontstaan van atherosclerotische plaque?

    Alle antwoordopties zijn juist

  • 14

    Exogene vetten worden verpakt in chylomicronen voor transport.

    waar

  • 15

    Op welke plek in de cel vindt oxidatieve fosforylering plaats?

    Op het binnenste membraan van de mitochondriën

  • 16

    Wat is de juiste volgorde van processen in de vetzuurverbranding?

    lipolyse - bètaoxidatie - citroenzuurcyclus

  • 17

    Hoeveel moleculen NADH worden tijdens de omzetting van pyruvaat naar acetyl CoA gevormd bij de afbraak van 1 molecuul glucose?

    2

  • 18

    Pyruvaat wordt in het cytosol gevormd.

    waar

  • 19

    In welk orgaan wordt de aminogroep van aminozuren verwijderd?

    lever

  • 20

    De afbraak van pyruvaat tot CO2 en H2O vindt plaats in de mitochondriën.

    waar

  • 21

    Wat gebeurt er tijdens de glycolyse?

    Glucose wordt gesplitst tot 2 moleculen pyruvaat

  • 22

    Voor elk pyruvaatmolecuul dat tijdens de glycolyse gevormd wordt, is de netto winst 1 ATP.

    waar

  • 23

    Hoeveel koolstofatomen worden er van citraat afgekoppeld tijdens de citroenzuurcyclus?

    2

  • 24

    De meeste energie voor de aanmaak van ATP wordt geleverd door..... .

    Het aerobe systeem

  • 25

    Wat is de rol van zuurstof in de oxidatieve fosforylering?

    Zuurstof is de uiteindelijke elektronenacceptor

  • 26

    Bij anaerobe splitsing van pyruvaat wordt lactaat gevormd.

    waar

  • 27

    Welke stof behoort NIET tot de ketonlichamen?

    Acetyl-CoA

  • 28

    Welk van onderstaande stoffen kan NIET in glucose worden omgezet?

    Vetzuur

  • 29

    Welk van de onderstaande processen is een voorbeeld van een anabole reactie?

    Gluconeogenese

  • 30

    Waarom vormt de lever ketonlichamen bij een vetrijk (80%) dieet?

    Hersenen gebruiken ketonlichamen als energiebron

  • 31

    Wat is GEEN effect van insuline?

    Gluconeogenese

  • 32

    Welke soort vezels zijn er?

    Niet-fermenteerbare en oplosbare

  • 33

    Vetzuren bestaan uit de volgende atomen:

    C, H, O en N

  • 34

    (Meervoudig) onverzadigd vet is vloeibaar door:

    Meer H-atomen in de keten

  • 35

    Welke processen maken de vetzuurketen langer en zorgen voor een extra dubbele binding?

    Pascalisatie en desaturatie

  • 36

    Wat is lecithine?

    eiwit

  • 37

    Ontslijmen, ontzuren en bleken heeft te maken met het raffineren van ....:

    Margarine

  • 38

    Welke vitamine wordt vaak toegevoegd aan vleesalternatieven?

    B12

  • 39

    Twee eiwitten vormen het bindweefsel van een spier in bijvoorbeeld een koe. Welke?

    Collageen en elastine

  • 40

    Om bindweefsel makkelijker af te breken kun je gebruik maken van bijvoorbeeld tomatenpuree. Wat veroorzaakt deze afbraak?

    zuren

  • 41

    Verhitting pas je niet alleen toe vanuit voedselveiligheidsprincipes, maar ook voor ....

    al deze opties

  • 42

    Wat versta je onder een zuiver stof?

    Eén soort moleculen

  • 43

    Moleculen trekken elkaar aan. Dit heet de VanderWaalskracht. Wat is géén synoniem voor VanderWaalskracht?

    Atoombinding

  • 44

    Hoe heet de fase-overgang:  H2O(s) → H2O(g) ?

    Sublimeren

  • 45

    In het molecuul wordt in de literatuur intramoleculair genoemd en tussen de moleculen intermoleculair. Hoe heet de intramoleculaire binding van het zuurstofmolecuul?

    Atoombinding

  • 46

    Wat is de molecuulformule van stikstof?

    N2

  • 47

    Wat is de structuurformule van een zuurstofmolecuul?

    O = O

  • 48

    Wrattenverwijdering gebeurt met vloeibare stikstof volgens: N2( l ) → N2 (g) Welke chemische binding wordt zwakker?

    De molecuulbinding

  • 49

    Fosfor (symbool; P) bestaat uit vieratomige moleculen. Wat is de molecuulformule van dit vieratomige molecuul?

    P4

  • 50

    Hoe is het aantal protonen en neutronen in de atoomkern gedefinieerd?

    Massagetal

  • 51

    Borium ( symbool B) heeft atoomnummer 5 en massagetal 11 . Hoeveel neutronen heeft een Borium atoomkern?

    6 neutronen

  • 52

    Gegeven de volgende atoomkern van het element Fluor ( afkorting F)19/9F Hoe kun je deze atoomkern ook weergeven?

    F - 19

  • 53

    Stikstof (symbool N) heeft atoomnummer 7. Een bepaalde stikstof-atoomkern heeft  8 neutronen. Wat is de verkorte notatie?

    Goed, 7 protonen is het atoomnummer onder en 7 protonen + 8 neutronen: massagetal is 15 boven

  • 54

    Het atoomnummer van Aluminium (symbool Al) is 13. Een aluminum-atoomkern bezit 14 neutronen. Hoeveel elektronen heeft een aluminiumatoom?

    13

  • 55

    Magnesium (symbool Mg) heeft atoomnummer 12. Magnesium kan Mg2+ionen vormen. Hoeveel protonen en hoeveel elektronen heeft zo'n Mg2+ ion?

    12 protonen 10 elektronen

  • 56

    In de airbags van auto's zit de stof natriumazide. Het azide-ion heeft de volgende formule: N3- Gegeven is dat stikstof atoomnummer 7 heeft.Hoeveel elektronen heeft een azide-ion in totaal?

    22

  • 57

    Als je schildklier te hard werkt dan krijg je een tablet jodium-131. Jodium heeft atoomnummer 53. Hoeveel neutronen heeft zo'n jodiumatoomkern?

    78

  • 58

    Wat is de systematische naam van glycerol?

    propaan - 1, 2, 3- triol

  • 59

    Een alkaan heeft 15 koolstofatomen per molecuul. Hoeveel waterstofatomen heeft dit molecuul?

    32

  • 60

    Welke zuren zijn zwakke zuren?

    Melkzuur, citroenzuur en azijnzuur

  • 61

    Wat is de systematische naam voor aceton?

    propanon

  • 62

    Bij welke van onderstaande stoffen is cis-trans isomerie mogelijk?

    hex - 3 - een

  • 63

    Wat is de grondstof voor de margarineproductie?

    Zonnebloempitten, koolzaad en lijnzaad

  • 64

    Nadat de olie gewonnen uit de plantenzaden wordt geëxtraheerd met hexaan vindt gefractioneerde destillatie plaats. De vloeibare fase (oleïnefase) wordt geleid in een grote ketel waarbij hydrogenering plaatsvindt. Wat is hydrogenering?

    Een reactie met waterstofgas. Daarbij worden dubbele bindingen in de koolstofketen omgezet in enkelvoudige bindingen.

  • 65

    Welke stof heeft het laagste kookpunt ?

    Butaan

  • 66

    Welke van onderstaande zuren zijn zwakke  zuren?

    Azijnzuur, melkzuur en citroenzuur

  • 67

    Een spin heeft blauw bloed. Oorzaak: een zuurstofhoudend eiwit bestaande uit meerdere polypeptideketens ( 'de kralenketting') bij elkaar met in het centrum een koperion. Welke structuur wordt hier beschreven?

    De quaternaire structuur

  • 68

    Welke brug veroorzaakt de secundaire structuur van een eiwit?

    De waterstofbrug

  • 69

    Welke eiwitstructuur gaat kapot bij denaturatie naast de quaternaire structuur?

    De secundaire en de tertiaire structuur

  • 70

    In de tertiaire structuur zijn verschillende chemische bindingen te onderscheiden. Wat is de volgorde van deze bindingen in toenemende sterkte?

    VanderWaalsbinding, waterstofbrug, zoutbrug, zwavelbrug

  • 71

    Wat is het verschil tussen een reactievergelijking en een reactiemechanisme?

    Een reactiemechanisme laat zien hoe een omzetting plaatsvindt en een reactievergelijking wat er wordt omgezet.

  • 72

    De bijbehorende reactievergelijking van de chlorering van methaangas is: Cl2(g) + CH4(g) → CH3Cl(g) + HCl(g) Het bijbehorende reactiemechanisme is een radicaalmechanisme. Wat versta je in het algemeen onder een radicaal?

    Een atoom, atoomgroep, molecuul of ion met een ongepaard elektron dat zéér reactief is

  • 73

    Wat is in een radicaalmechanisme het kenmerk van de propagatie (volgreacties)

    Het is altijd een kettingreactie. Er ontstaan steeds nieuwe radicalen die weer verder reageren.

  • 74

    Bij de chlorering van methaan volgens: Cl2(g) + CH4(g)    CH3Cl(g) + HCl(g) is ook ethaan ontstaan. In welke stap is dit gebeurt?

    Terminatie

  • 75

    Welke factor bevordert de vorming van lipideradicalen?

    Alle bovengenoemde factoren

  • 76

    De kettingreactie van de propagatie kan worden vertraagd door toevoeging van een antioxidant. Wat gebeurt er?

    De antioxidant is een radicaalvanger.

  • 77

    In de propagatie reageert een lipideradicaal met zuurstof volgens: R• + O2→ ROO• Je kunt dit voorkomen door zuurstof weg te nemen. Welke stof moet je toevoegen?

    Vitamine C

  • 78

    Welke reactieproducten ontstaan er bij de hydrolyse van een (eenvoudige) lipide?

    Glycerol en vetzuren

  • 79

    Is paracetamol optisch actief, maw bevat parcacemol één of meerdere asymmetrische koolstofatomen?

    Is paracetamol optisch actief, maw bevat parcacemol één of meerdere asymmetrische koolstofatomen?

  • 80

    Welke van onderstaande suikers zijn reduceerbaar?

    Cellobiose, maltose, fructose