rijbewijs oefeningen
Vragenlijst
1
Zoveel mogelijk links op de rijbaan gaan rijden.
2
Dat mag alleen als daardoor geen gevaar of hinder voor andere weggebruikers onstaat.
3
als dit mogelijk is zonder gevaar, hinder voor andere weggebruikers of schade te veroorzaken.
4
Uitsluitend de rechterrijbaan volgen.
5
Slechts wanneer de ingehaald wordende bestuurder te kennen heeft gegeven dat hij naar links wilt afslaan en daartoe naar heeft voorgesorteerd.
6
Ik rijd stapvoets en langs dezelfde zijde achteruit, zonder gevaar of hinder voor andere weggebruikers te doen ontstaan.
7
Remmen en op de rijbaan stoppen.
8
Als voor de rechterzijde van de weg een stopverbod van kracht is.
9
Motorrijtuigen bestemd voor het vervoer van personen met ten hoogste 8 zitplaatsen buiten die van de bestuurder en motorrijtuigen bestemd voor goederenvervoer met een maximale toegestane gewicht van niet meer dan 3.500 kg.
10
Op een trottoir, op een brug, op een kruising, binnen 5 meter van een bushalte en links op een weg met 2 richtingsverkeer.
11
2.60 meter en 3.50 meter
12
Een vergunning aanvragen aan de Gezaghebber.
13
Vijf of tien en twee jaar
14
Nee, dat mag niet want bestuurders van motorrijtuigen mogen uitsluitend gebruik maken van de rijbaan.
15
Ik bevestig een lantaarn aan het punt van de uitstekende lading, die naar alle zijden rood licht uitstraalt.
16
Rechts houden, tijdig richting aangeven en bij dat naar links oversteken het overig verkeer niet hinderen.
17
Niet dóór of wegrijden. Hij moet de politie waarschuwen en ter plaatse blijven.
18
Voorbij het bord stopt
19
Als hij teveel alcohol of een andere bedwelmend middel heeft gebruikt, vermoeiend of ziek is.
20
Ik bevestig een lantaarn aan het punt van de uitstekende lading, die naar alle zijden wit licht uitstraalt.
21
Ik ben verplicht de aanwijzing van de politie steeds te volgen.
22
Neen.
23
Als dat gebeurt voor het onmiddellijk en voortgezet lossen of laden van goederen of op dezelfe wijze in- of uitstappen van passagiers.
24
In het midden of links van het midden aan de achterzijde.
25
Een zodanige afstand dat een inhalend voertuig zich voor mij kan invoegen.
26
2,60 meter
27
De motor afzetten en maatregelen nemen dat de auto zich niet uit eigenA. De motor laten draaien doch de handrem goed aantrekken.
28
vijf of tien jaar
29
Vóór het inhalen, veranderen van richting, wegrijden en stoppen.
30
Zich overtuigen dat er geen tegemoetkomend verkeer is of dat hij zelf niet ingehaald wordt, vervolgens behoorlijk naar links uitwijken en zo vlot mogelijk inhalen.
31
De hoorn moet ééntonig zijn en op minstens 100 meter hoorbaar, zijn.
32
Binnen 30 meter van een ontstoken lichtpunt van de openbare straatverlichting en op een parkeerplaats
33
Ja, want de wet zegt dat ik tenminste één hand aan het stuur moet hebben.
34
Aan weerszijde voor en aan weerszijde achter aan mijn auto een richtingaanwijzer is aangebracht.
35
Zodanig, dat het verkeer door mijn wegrijden niet wordt gehinderd.
36
Motorrijtuigen met of zonder zijspan, invalide wagens, motorrijtuigen op drie wielen, met een ledig gewicht dat niet meer dan 400 kg. bedraagt.
37
Minder speling heeft dan 45 graden
38
Het achter hem gelegen weggedeelte, en links achter.
39
Nee het is niet toegestaan.
40
Nooit.
41
Van minstens 2 aan weerszijden van het motorrijtuig aangebrachte achterlichten, die achterwaarts een helder rood licht uitstralen.
42
Tenminste 40 centimeter.
43
Mijn snelheid zodanig verminderen, dat ik kan stoppen voordat ik bij de voetganger ben.
44
Ja, wij allebei.
45
Minstens 40 en maximaal 90 keren knipperen.
46
Als hij alle wielen met gelijk verdeelde kracht beremt.
47
Ja, als het uitzicht voldoende vrij blijft voor het overige verkeer.
48
Neen.
49
Nooit.
50
Rijbewijs, keuringskaart, belastingpapieren en verzekeringsbewijs.
51
Als hij een halve dag daar onmiddelijk en voortgezet lost.
52
Een kruising, waar de ene weg loodrecht of nagenoeg loodrecht op de andere uitmondt en daar eindigt.
53
Alleen op kruisingen en splitsingen van wegen.
54
Zij zowel bij dag als bij nacht automatisch worden ontstoken en gedoofd, wanneer de voetrem in- en buiten werking wordt gesteld.
55
Hij alle vier wielen met gelijkverdeelde en voldoende remkracht beremt.
56
Niet meer dan 2 x 24 uren.
57
Neen passagiers mogen alleen op de daarvoor bestemde plaatsen zitten.
58
Bij het voorbijrijden van stilstaande voertuigen of voorwerpen. het inhalen of het voorsorteren.
59
Oproep voor examen; geneeskundige verklaring, niet ouder dan 2 mnd; 2 Welgelijkende pasfoto's; uitslag theorie, niet ouder dan 1-1/2 jaar; uittreksel uit persoonsregister, identiteitsbewijs, commissie-verklaring en geschikte voertuig.
60
Binnen 8 dagen de rijbewijs in te leveren bij het gezaghebberskantoor.
61
vijf jaar
62
fiets 3; auto 1; auto 2
63
auto 2; auto 1; voetganger 3
64
fiets 2; auto 1; auto 3
65
auto 3; auto 1; voetganger 2
66
auto 2; motorfiets 3; militaire colonne 1
67
motorfiets 3; fiets 1; autobus 2
68
fiets 1; auto 2
69
auto 1 en auto 2 tegelijk; auto 3
70
brandwagen 2; motorfiets 1; vrachtwagen 3
71
auto 2; auto 1 en auto 3 on elkaar heen
72
auto 3; motorfiets 1; auto 2
73
auto 1; auto 3; trekker 2
74
militaire colonne 2; auto 3; auto 1
75
auto 3; auto 1; vrachtwagen 2
76
auto 3; auto 1; fiets 4 auto 2
77
auto 2; auto 3; fiets 4; auto 1
78
auto 3; auto 2; fiets 4; auto 1
79
auto 2; auto 1; auto 3 en fiets 4 tegelijk
80
fiets 3; auto 1; auto 2
81
auto 2; auto 1; auto 4 en fiets 3 tegelijk
82
auto 3; auto 1; auto 2 en fiets 4 tegelijk
83
auto 3; auto 1; fiets 4; auto 2
84
auto 1; auto 2; auto 3 en fiets 4 tegelijk
85
auto 3; auto 2; fiets 4; auto 1
86
auto 1 en auto 3 tegelijk; auto 2 en bromfiets 4 tegelijk; fiets 5
87
auto 3 en fiets 4 tegelijk; auto 1; auto 2
88
auto 2; auto 1; auto 3; fiets 4
89
auto 2; auto 1; auto 3 en fiets 4 tegelijk
90
Fiets 4; auto 2; auto 3; auto 1
91
auto 1; auto 3; fiets 2
92
fiets 4; auto 1; auto 3 en auto 2 tegelijk
93
auto 2; fiets 3; auto 1
94
auto 3 en fiets 4 tegelijk; auto 1 en auto 2 tegelijk en om elkaar heen
95
auto 3; auto 2; auto 1; fiets 4
96
auto 3; auto 2; auto 1; fiets 4
97
auto 2; auto 1; auto 3 en fiets 4 tegelijk
98
fiets 3; auto 1; auto 2
99
auto 3; auto 1 en fiets 2 tegelijk
100
auto 1; fiets 2; auto 3
Vragenlijst
1
Zoveel mogelijk links op de rijbaan gaan rijden.
2
Dat mag alleen als daardoor geen gevaar of hinder voor andere weggebruikers onstaat.
3
als dit mogelijk is zonder gevaar, hinder voor andere weggebruikers of schade te veroorzaken.
4
Uitsluitend de rechterrijbaan volgen.
5
Slechts wanneer de ingehaald wordende bestuurder te kennen heeft gegeven dat hij naar links wilt afslaan en daartoe naar heeft voorgesorteerd.
6
Ik rijd stapvoets en langs dezelfde zijde achteruit, zonder gevaar of hinder voor andere weggebruikers te doen ontstaan.
7
Remmen en op de rijbaan stoppen.
8
Als voor de rechterzijde van de weg een stopverbod van kracht is.
9
Motorrijtuigen bestemd voor het vervoer van personen met ten hoogste 8 zitplaatsen buiten die van de bestuurder en motorrijtuigen bestemd voor goederenvervoer met een maximale toegestane gewicht van niet meer dan 3.500 kg.
10
Op een trottoir, op een brug, op een kruising, binnen 5 meter van een bushalte en links op een weg met 2 richtingsverkeer.
11
2.60 meter en 3.50 meter
12
Een vergunning aanvragen aan de Gezaghebber.
13
Vijf of tien en twee jaar
14
Nee, dat mag niet want bestuurders van motorrijtuigen mogen uitsluitend gebruik maken van de rijbaan.
15
Ik bevestig een lantaarn aan het punt van de uitstekende lading, die naar alle zijden rood licht uitstraalt.
16
Rechts houden, tijdig richting aangeven en bij dat naar links oversteken het overig verkeer niet hinderen.
17
Niet dóór of wegrijden. Hij moet de politie waarschuwen en ter plaatse blijven.
18
Voorbij het bord stopt
19
Als hij teveel alcohol of een andere bedwelmend middel heeft gebruikt, vermoeiend of ziek is.
20
Ik bevestig een lantaarn aan het punt van de uitstekende lading, die naar alle zijden wit licht uitstraalt.
21
Ik ben verplicht de aanwijzing van de politie steeds te volgen.
22
Neen.
23
Als dat gebeurt voor het onmiddellijk en voortgezet lossen of laden van goederen of op dezelfe wijze in- of uitstappen van passagiers.
24
In het midden of links van het midden aan de achterzijde.
25
Een zodanige afstand dat een inhalend voertuig zich voor mij kan invoegen.
26
2,60 meter
27
De motor afzetten en maatregelen nemen dat de auto zich niet uit eigenA. De motor laten draaien doch de handrem goed aantrekken.
28
vijf of tien jaar
29
Vóór het inhalen, veranderen van richting, wegrijden en stoppen.
30
Zich overtuigen dat er geen tegemoetkomend verkeer is of dat hij zelf niet ingehaald wordt, vervolgens behoorlijk naar links uitwijken en zo vlot mogelijk inhalen.
31
De hoorn moet ééntonig zijn en op minstens 100 meter hoorbaar, zijn.
32
Binnen 30 meter van een ontstoken lichtpunt van de openbare straatverlichting en op een parkeerplaats
33
Ja, want de wet zegt dat ik tenminste één hand aan het stuur moet hebben.
34
Aan weerszijde voor en aan weerszijde achter aan mijn auto een richtingaanwijzer is aangebracht.
35
Zodanig, dat het verkeer door mijn wegrijden niet wordt gehinderd.
36
Motorrijtuigen met of zonder zijspan, invalide wagens, motorrijtuigen op drie wielen, met een ledig gewicht dat niet meer dan 400 kg. bedraagt.
37
Minder speling heeft dan 45 graden
38
Het achter hem gelegen weggedeelte, en links achter.
39
Nee het is niet toegestaan.
40
Nooit.
41
Van minstens 2 aan weerszijden van het motorrijtuig aangebrachte achterlichten, die achterwaarts een helder rood licht uitstralen.
42
Tenminste 40 centimeter.
43
Mijn snelheid zodanig verminderen, dat ik kan stoppen voordat ik bij de voetganger ben.
44
Ja, wij allebei.
45
Minstens 40 en maximaal 90 keren knipperen.
46
Als hij alle wielen met gelijk verdeelde kracht beremt.
47
Ja, als het uitzicht voldoende vrij blijft voor het overige verkeer.
48
Neen.
49
Nooit.
50
Rijbewijs, keuringskaart, belastingpapieren en verzekeringsbewijs.
51
Als hij een halve dag daar onmiddelijk en voortgezet lost.
52
Een kruising, waar de ene weg loodrecht of nagenoeg loodrecht op de andere uitmondt en daar eindigt.
53
Alleen op kruisingen en splitsingen van wegen.
54
Zij zowel bij dag als bij nacht automatisch worden ontstoken en gedoofd, wanneer de voetrem in- en buiten werking wordt gesteld.
55
Hij alle vier wielen met gelijkverdeelde en voldoende remkracht beremt.
56
Niet meer dan 2 x 24 uren.
57
Neen passagiers mogen alleen op de daarvoor bestemde plaatsen zitten.
58
Bij het voorbijrijden van stilstaande voertuigen of voorwerpen. het inhalen of het voorsorteren.
59
Oproep voor examen; geneeskundige verklaring, niet ouder dan 2 mnd; 2 Welgelijkende pasfoto's; uitslag theorie, niet ouder dan 1-1/2 jaar; uittreksel uit persoonsregister, identiteitsbewijs, commissie-verklaring en geschikte voertuig.
60
Binnen 8 dagen de rijbewijs in te leveren bij het gezaghebberskantoor.
61
vijf jaar
62
fiets 3; auto 1; auto 2
63
auto 2; auto 1; voetganger 3
64
fiets 2; auto 1; auto 3
65
auto 3; auto 1; voetganger 2
66
auto 2; motorfiets 3; militaire colonne 1
67
motorfiets 3; fiets 1; autobus 2
68
fiets 1; auto 2
69
auto 1 en auto 2 tegelijk; auto 3
70
brandwagen 2; motorfiets 1; vrachtwagen 3
71
auto 2; auto 1 en auto 3 on elkaar heen
72
auto 3; motorfiets 1; auto 2
73
auto 1; auto 3; trekker 2
74
militaire colonne 2; auto 3; auto 1
75
auto 3; auto 1; vrachtwagen 2
76
auto 3; auto 1; fiets 4 auto 2
77
auto 2; auto 3; fiets 4; auto 1
78
auto 3; auto 2; fiets 4; auto 1
79
auto 2; auto 1; auto 3 en fiets 4 tegelijk
80
fiets 3; auto 1; auto 2
81
auto 2; auto 1; auto 4 en fiets 3 tegelijk
82
auto 3; auto 1; auto 2 en fiets 4 tegelijk
83
auto 3; auto 1; fiets 4; auto 2
84
auto 1; auto 2; auto 3 en fiets 4 tegelijk
85
auto 3; auto 2; fiets 4; auto 1
86
auto 1 en auto 3 tegelijk; auto 2 en bromfiets 4 tegelijk; fiets 5
87
auto 3 en fiets 4 tegelijk; auto 1; auto 2
88
auto 2; auto 1; auto 3; fiets 4
89
auto 2; auto 1; auto 3 en fiets 4 tegelijk
90
Fiets 4; auto 2; auto 3; auto 1
91
auto 1; auto 3; fiets 2
92
fiets 4; auto 1; auto 3 en auto 2 tegelijk
93
auto 2; fiets 3; auto 1
94
auto 3 en fiets 4 tegelijk; auto 1 en auto 2 tegelijk en om elkaar heen
95
auto 3; auto 2; auto 1; fiets 4
96
auto 3; auto 2; auto 1; fiets 4
97
auto 2; auto 1; auto 3 en fiets 4 tegelijk
98
fiets 3; auto 1; auto 2
99
auto 3; auto 1 en fiets 2 tegelijk
100
auto 1; fiets 2; auto 3